DE GLYFOSAAT SPAGAAT

@ SCHOOL VOOR JOURNALISTIEK UTRECHT

(Dit is gebruikt als afstudeerwerk)

De EU heeft gestemd: glyfosaat wordt zeker nog vijf jaar langer toegestaan in de Europese landbouw. We hebben het hier over het goedje dat je volgens je moeder altijd van je appeltje moest wassen. Het is ’s werelds meest gebruikte landbouwgif en wordt zowel geprezen als intens gehaat. Waarom is er zoveel te doen om dat spul?

Foto: Harry Cock

Glyfosaat is de werkzame stof in het product Roundup, dat wordt geproduceerd door gentechbedrijf Monsanto. Roundup is een herbicide en wordt aanvankelijk gebruikt om ongewenst onkruid te vernietigen. Daar blijkt het bijzonder effectief in, want een dun laagje van het spul op het oppervlak doodt planten zelfs tot in de bodem. Glyfosaat werkt zich via ‘de bloedstroom’ naar de wortel en blokkeert daar een enzym dat alle voedingstoffen voor de rest van de plant reguleert, en dus sterft het af. Dit enzym komt alleen bij planten voor, en dat maakt dit één van de weinige bestrijdingsmiddelen die niet direct schadelijk is voor mens en dier.

Het Gouden Glyfosaat Tijdperk

Volgens de Glyphosate Taskforce, een samengesteld team van meerdere glyfosaat producenten in Europa, kan het middel in sommige gevallen voor wel dertig procent meer oogst zorgen. Dit komt omdat er meer voedingsstoffen overblijven voor de gewassen als er geen andere concurrerende planten zijn. Bestrijdingsmiddelen worden hierdoor ook beschouwd als mede verantwoordelijk voor de ‘Groene Revolutie’ in de jaren zestig en zeventig. Dit was een periode waarin ontwikkelingslanden enorme sprongen maakten wat betreft voedselopbrengst in gewassenlandbouw. Met name in Zuid-Oost Azië is die groei goed merkbaar geweest. Sindsdien is de productie van rijst en graan in die regio meer dan verdubbeld en gaan er nog maar weinig oogsten verloren. Deze landbouwrevolutie krijgt wel eens toegekend dat het een wereldwijde hongersnood heeft weten te voorkomen.

Momenteel is er sprake van een tweede groene revolutie. Namelijk die van genetische manipulatie.  In de jaren negentig ontwierp Monsanto haar eerste genetisch gemanipuleerde sojaboon (GMO). Deze boon was resistent voor glyfosaat en dat betekende dat boeren onbekommerd konden sproeien tijdens het gehele groeiproces. Niets overleefde het middel, behalve de gemanipuleerde sojaboon. Sindsdien zijner talloze genetisch gemanipuleerde gewassen en is het gebruik van glyfosaat niet minder dan geëxplodeerd. Inmiddels zijn er wereldwijd talloze ‘RoundUp Ready’ gewassen bijgekomen waaronder mais, graan, katoen en suikerbiet en is daardoor ook het gebruik van glyfosaat wijdverspreid. In de Verenigde Staten is het gebruik binnen twee decennia van achttien naar 125 ton gestegen. Het biedt een hoop boeren zekerheid omdat ze zich geen zorgen hoeven te maken over plagen.

^ In Europa is het niet toegestaan om met genetisch gemanipuleerde zaden te groeien, maar wel om ze in te kopen. Lees hier meer over het gebruik van GMO’s in Europa.

Ook de doodgewone tuinier kan gebruik maken van het efficiënte verdelgingsmiddel: met onder andere deze coole Pritt-stift des doods kun je heel handig door middel van slechts één aanraking alle ongewenste plantjes op je gazon naar de verdoemenis helpen.

Kankerverwekkend?

Maar uiteraard er is ook weerstand. Al jarenlang voeren allerlei milieuorganisaties strijd tegen Roundup en producent Monsanto. Oorspronkelijk werd glyfosaat gebruikt om calcium en magnesium uit pijpleidingen te verwijderen, maar in 1970 kwam een wetenschapper bij Monsanto tot de ontdekking dat het ook extreem goed werkte om onkruid mee te doden. Goh. Al snel ontstonden er verhalen over kanker en vijftien jaar na dato kreeg het middel van het Amerikaanse Environmental Protection Agency een klasse C waardering: er was suggestief bewijs dat glyfosaat mogelijk kankerverwekkend was. Dit was de eerste van vele keren dat glyfosaat officieel met kanker werd geassocieerd, maar het vormde nog geen hard bewijs. Zes jaar later werd dit label weer ingetrokken.

In 2015 classificeert het IARC (Internationale Agentschap voor Kankeronderzoek) glyfosaat als ‘waarschijnlijk kankerverwekkend’. In hetzelfde jaar komt het EFSA (Europese Agentschap voor Voedselveiligheid) met precies het tegenoverstelde resultaat. Over beide onderzoeken wordt heen en weer gezegd dat de resultaten niet goed gefundeerd* zijn.

*Het EFSA zou haar onderzoek hebben gebaseerd op studies en data die enkel door belanghebbende partijen zijn geleverd en van het IARC wordt nu gezegd dat het de niet-kankerverwekkende resultaten expres uit het rapport heeft gelaten.

Ook Monsanto blijkt te knoeien met haar onderzoeken. In het begin van dit jaar werd het bedrijf door de Californische rechtbank bevolen om een reeks documenten en e-mails openbaar te maken die later bekend kwamen te staan als de Monsanto Papers*. In deze dossiers valt onder andere te lezen dat Monsanto-wetenschappers allang bewust waren van de mogelijke gevaren van de glyfosaatsamenstelling in haar miljardenproduct Roundup.

Hier een linkje naar die Monsanto documenten, voor als je dit weekend nog niets te lezen hebt.

Of het nou wel of niet kankerverwekkend is dat valt uiteindelijk moeilijk te zeggen, maar als consument zal je wel het idee hebben om het zekere voor het onzekere te nemen en het product simpelweg te vermijden. Helaas blijkt dat lastig, want het zit echt overal in. Onlangs was het nog nieuws dat er glyfosaat in Ben en Jerry’s ijs was geconstateerd, maar dit is echt geen uitzondering. Vrijwel alle zuivel, vlees en kip producten bevatten sporen van glyfosaat omdat het meeste veevoer van GMO-gewassen afkomt. Daarnaast valt het ook terug te vinden in bonen, fruit, doodgewoon brood en zelfs kindervoeding. Glyfosaat is de norm geworden.  

(Voordat we een kleine hongerstaking onder onze lezers ontketenen moet er wel enigszins nuance gebracht worden. Vorig jaar was het in de Verenigde Staten nog een dingetje dat er in talloze wijnen uit Californië glyfosaat werd aangetroffen, ook de biologische. In een glaasje rode wijn werden zoveel als achttien glyfosaatdeeltjes per miljard gevonden. Maar met datzelfde wijntje krijg je ook zo’n 110 tot 130 miljoen ethanoldeeltjes per miljard binnen. Ethanol, ofwel (ethyl) alcoholstaat bekend als een zeer potente carcinogeen, terwijl dat van glyfosaat nog maar bewezen moet worden).

Grondverzieker

Het gebruik van glyfosaat is sinds haar introductie meer dan vervijftienvoudigd en hoewel dat ook wat zegt over onze voedselkwaliteit, zegt dat eigenlijk nog veel meer over onze manier van land cultivering. Want hoewel de hele EU-discussie inging op de mogelijke carcinogeniteit werd een tweede probleem hierbij buiten beschouwing gelaten: bodemdegradatie.  

Toen in 2002 het gebruik van glyfosaat in de EU werd toegelaten is de schadelijkheid enkel beoordeeld op giftigheid bij bepaalde diersoorten in lab studies, niet op de gehele ecologische impact ervan. Glyfosaat blijkt niet enkel ongewenste planten te vergiftigen, maar de gehele voedingsbodem aan te tasten. En die bodem zit juist vol essentieel leven: duizenden verschillende soorten schimmels, insecten en andere micro-organismen noemen het hun thuis en ze hebben allemaal een eigen functie. Zo creëren regenwormen tunneltjes in de grond die noodzakelijk zijn voor het functioneren van andere diertjes en planten, en faciliteren ze ook afvoer van grondwater en toevoer van zuurstof. Uit deze studie blijkt dat regenwormen in met glyfosaat besproeide landbouwgrond significant meer moeite hebben met voortplanting, ontpopping uit de cocon en dat ze minder actief zijn. Daarnaast heeft het een vergiftigend effect op grondschimmels opeen hoeveelheid ver onder de toegestane waarde en zorgt herhaaldelijke toediening van glyfosaat voor versterkte effecten.

*In dit rapport kun je meer lezen over de impact van glyfosaat op de grondbodem en water.

Uit een recent onderzoek, geleid door de Wageningen Universiteit, kwam naar voren dat erin meer dan 45% van de Europese landbouwgrond glyfosaatresten zijn aangetroffen. De monsters kwamen uit tien verschillende landen en in sommige delen wordt tot wel tweeduizend microgram per kilo gevonden. “Dat is erg veel” lichtprofessor Violette Geissen van de Wageningen Universiteit toe. “Per liter water is maar één enkele microgram toegestaan. Voor grondbodems zijn er nog helemaal geen regels opgesteld en dat is erg gevaarlijk. Want niemand weet wat voor impact deze opstapeling van gifstoffen op de lange duur heeft.”

Daarnaast is er nog een afbraakproduct van glyfosaat, dat AMPA wordt genoemd. Het effect hiervan werd volgens Geissen niet voldoende meegenomen in de beslissing van de Europese Commissie. “Het EFSA, dat het onderzoek leverde waarop de commissie hun advies moest baseren, was volgens ons onjuist. Zij veronderstellen namelijk dat glyfosaat immobiel is, maar het afbraakproduct AMPA bindt zich aan regenwater en is zelfs via fijnstof te verspreiden. In ons laatste onderzoek [dat nog niet gepubliceerd is] hebben wij in Drenthe de luchtkwaliteit gemeten en daar vonden we tot tien milligram AMPA in onze testmonsters. Je kunt het dus gewoon inademen.”

Niet alleen is het onduidelijk of dit schadelijk is voor mensen, ook kan de verspreiding van glyfosaat juist gewassenplagen versterken zegt Geissen. “Ziekteverwekkende bacteriën zoals Fusarium* worden niet gedood door de meeste herbiciden en krijgen dan vrij spel omdat concurrerende schimmels wel sterven. We spreken in Nederland meerdere boeren die juist last hebben van deze plaag en er niet vanaf komen.” Daarnaast vormen langzaamaan steeds meer ongewassen een natuurlijke resistentie tegen glyfosaat en geven oogsten van GMO-gewassen niet per se meer een hogere opbrengst. Onder andere typen sojaboon lijken afhankelijk te zijn geworden van glyfosaat en hebben minder sterk eigen afweersysteem ontwikkeld.

*Fusarium is een schimmel die in de landbouw voornamelijk voorkomt bij aardappelen, granen en mais en rot veroorzaakt.

Wat zou een verbod hebben betekend?

Het onderzoek van Geissen heeft de Tweede Kamer bereikt,maar mocht niet van voldoende invloed zijn. Minister van Landbouw Carola Schouten laat in een kamerbrief weten dat ze al voldoende geïnformeerd is door het EFSA en het College voor Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen. Deze zijn beiden niet tegen het gebruik van glyfosaat. Maar wat als er vanaf 1 januari wel een totaalverbod zou zijn geweest?

De Plant- en Tuinbouw Organisatie laat in een statement weten dat het volgens hen geen winst voor milieu zou opleveren. Er wordt teveel naar Amerikaanse beeldvorming gekeken waar glyfosaat in veel grotere mate wordt gebruikt omdat daar GMO’s wel zijn toegestaan. Daarnaast zouden boeren bij een verbod moeten uitwijken naar andere soorten landbouwgiffen. Welke in sommige gevallen schadelijker zijn.

België, Frankrijk en Italië waren wel pertinent tegen de verlening van glyfosaat, maar dat had wellicht meer een financiële reden. Het Vlaamse bedrijf Belchim is eigenaar van het Franse Jade, dat weer een handelscontract heeft met Italiaanse leverancier Novamont. Samen produceren ze pelargonzuur, en Belchim hoopt daarmee volgend jaar een natuurlijk alternatief voor glyfosaat op de markt te brengen genaamd Beloukha. Het bedrijf claimt dat het een biologisch afbreekbaar product is en natuurlijk wordt afgebroken tot water en CO². Tot nu toe is het nog enkel in Frankrijk en Italië goedgekeurd voor grootschalige agrarische bestemmingen.

Toch betekent biologische afbreekbaarheid niet per se een beter resultaat voor het milieu volgens Michel De Groot. Hij is specialist op het gebied van gewasbescherming in de glastuinbouw en heeft al eerder onderzoek gedaan naar een middel dat soortgelijk is aan Beloukha. “Ook natuurlijke middelen kunnen schadelijk voor milieu zijn, net zoals chemische middelen onschadelijk kunnen zijn.” Uit zijn onderzoeken kwam wel naar voren dat middelen op basis van pelargonzuur inderdaad wel minder belastend zijn voor het milieu, maar er door de lagere efficiëntie meer van nodig is dan glyfosaat.“Wil je hetzelfde effect bereiken dan gebruik je met pelargonzuur zo’n 18 liter per hectare, terwijl je met glyfosaat maar vier liter nodig hebt. Daarnaast zul je ook vaker terug moeten komen omdat het niet helemaal tot de wortel werkt. Ik denk dat we op het moment geen beter alternatief bestrijdingsmiddel hebben voor glyfosaat.”

De komende vijf jaar zal er sowieso nog volop gebruik gemaakt worden van glyfosaat, maar willen we ooit een stabiele toekomst opbouwen,dan moeten we helemaal af van bestrijdingsmiddelen volgens Geissen. “Wat er nu gebeurt is dat het ene middeltje wordt verboden, en een ander soortgelijkmiddel weer wordt toegelaten. Dan beginnen we weer van voor af aan. Er zijn genoeg groene alternatieve vormen van landbouw die duurzaam zijn, maar die agrarische lobby is zo sterk dat het nauwelijks voet aan de grond krijgt.”  

Als we op deze manier doorgaan met landcultivering, dan is het over zestig jaar gedaan met de landbouwbodem volgens experts binnen de Verenigde Naties. Momenteel is een derde van de teelaarde op onze planeet ernstig aangetast door intensief ploegen en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Ook in Europa komt dit voor. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen heeft voor een grote boost gezorgd in onze landbouw en een hoop mensen van honger bespaard, maar tegen welke prijs?